Voor- en Vroegschoolse Educatie (VVE)

Wat is Voor- en Vroegschoolse Educatie?

Voorschoolse Educatie geeft recht op twee extra dagdelen peuteropvang per week (naast de twee standaard dagdelen) waarmee (dreigende) taalachterstanden bij kinderen worden voorkomen of verminderd. Door deze extra dagdelen wordt de ontwikkeling van kinderen op spraak- en taalgebied extra gestimuleerd. Hierdoor maken zij onder andere een betere start op het basisonderwijs. De Voorschoolse educatie is voor kinderen vanaf 2 jaar en drie maanden totdat zij naar de basisschool gaan.

Vroegschoolse educatie is bedoeld voor kinderen in groep 1 en 2 van het basisonderwijs die nog extra ondersteuning nodig hebben bij hun taalontwikkeling. De basisscholen (vroegscholen) zijn verantwoordelijk voor het aanbieden van Vroegschoolse Educatie voor kinderen van 4 tot 6 jaar.

Heeft u vragen over de vroegschoolse educatie? Dan kunt u daarvoor terecht bij de basisschool van uw kind.

 

Voorschoolse Educatie in Hellevoetsluis

De gemeente zorgt ervoor dat er voldoende  plekken voor voorschoolse educatie zijn op de peuteropvang (voorscholen). In Hellevoetsluis is een VVE-aanbod alleen beschikbaar bij de peuteropvanglocaties van de Kinderkoepel. Zij hebben VVE-gecertificeerde medewerkers en maken gebruik van een speciaal VVE-programma.

 

Wanneer komt uw kind in aanmerking voor Voorschoolse Educatie?

In de gemeente Hellevoetsluis hebben de volgende kinderen recht op een Voorschoolse educatie:

Kinderen in de leeftijd van 2 jaar en 3 maanden totdat zij naar de basisschool gaan, die een taalachterstand hebben en/of uit een gezin komen waardoor er een risico is op taalachterstand.

De jeugdverpleegkundigen en –artsen van het consultatiebureau zijn vanuit de wet verantwoordelijk om indicaties voor voorschoolse educatie af te geven, zodra zij een (dreigende) taalachterstand signaleren. De jeugdverpleegkundige doet een aantal oefeningen of testjes met het kind om te zien of er sprake is van een taalachterstand. Ook kijkt de verpleegkundige of de thuisomgeving reden geeft voor extra taalondersteuning.

 

Wat moet u doen?

Eigenlijk hoeft u zelf niets anders te doen dan naar de afspraken met het consultatiebureau te gaan. Als ouder van een kind in de leeftijd van 0 tot 4 jaar wordt u meerdere keren uitgenodigd om met uw kind langs te komen bij het consultatiebureau op het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG).

Als uit de oefeningen en testjes op het consultatiebureau blijkt dat uw kind in aanmerking komt, dan  geeft de jeugdverpleegkundige u een indicatieformulier voor de peuteropvang. Na aanmelding bij de peuteropvang wordt de financiering door de gemeente geregeld. U betaalt alleen een inkomensafhankelijke ouderbijdrage voor de eerste twee dagdelen peuteropvang. De gemeente betaalt het derde en vierde dagdeel. Heeft u een inkomen tot 120% van de bijstandsnorm? Dan betaalt de gemeente ook de ouderbijdrage voor het eerste en het tweede dagdeel voor u. Zie daarvoor deze pagina.

Als u werkt (als alleenstaande ouder of beide ouders werken), studeert of bezig bent met een inburgeringscursus, dan kunt u Kinderopvangtoeslag bij de Belastingdienst aanvragen. Hiermee kunt u een deel van de kosten voor peuteropvang voor het eerste en tweede dagdeel betalen. Omdat de gemeente het derde en vierde dagdeel betaalt, mag u daar geen Kinderopvangtoeslag voor aanvragen. Voor meer informatie over het aanvragen hiervan, zie www.belastingdienst.nl.

PeuteropvangPeuteropvang

Vragen en meer informatie

Heeft u vragen over de locaties, dagen, tijden en ouderbijdrage? Neem dan contact op met de Kinderkoepel.

Voor het WIZ-loket, bel naar telefoonnummer 14 0181. Het loket is op werkdagen tussen 9.00 en 11.00 uur telefonsich bereikbaar. Langskomen mag natuurlijk ook en kan tussen 08.30 en 16.30 uur (Oostzanddijk 28).

Uitgelicht